De Trail des Fantômes

Een aantal Kopslopers reisde op zaterdag 12 augustus af naar de Ardennen, om deel te nemen aan de Trail des Fantômes op zondag 13 augustus.
Dominique, Jan Jaap en Elsa hadden met een groep een huisje gereserveerd vlakbij de start. Ook Stefan had een overnachtingsplek in de buurt geregeld. Alle 4 gingen ze voor de trail van 33 km, die om 10 uur van start ging.

groepje
De eerste kilometers gingen omhoog. Van een asfaltweg die goed te doen was, werd het steeds steiler en de meeste mensen gingen hier dan ook wandelen.
Het groepje Kopslopers werd hier al direct uit elkaar getrokken, omdat ieder zijn eigen tempo ging lopen. Na deze eerste klim volgde een mooie afdaling over een breed pad met stenen, waarna de smalle paadjes aan de beurt kwamen. Hier en daar lag er een boomstam over het pad en een stukje later moest er over wat rotsachtig terrein geklommen worden. De omgeving zorgde voor veel afwisseling.

Stefan
Vlak voor de eerste post op 14 kilometer zaten er nog twee venijnige klimmen in de route. Het aanvullen van eten en drinken was dan ook geen overbodige luxe en ook de rust was zeer welkom.
Stefan besloot om hier uit te stappen. Hij had ’s nachts overgegeven, maar was toch gestart. De andere drie waren de post al voorbij, liepen inmiddels een stuk uit elkaar en kwamen elkaar ook niet meer tegen.
Na de post moest er met een ketting tegen de rotsen op geklauterd worden, waarna een mooi uitzicht volgde.

ketting
Ongeveer halverwege stonden de lopers weer beneden bij het riviertje de Ourthe, die doorwaad moest worden om aan de overkant te komen. Het water was verfrissend.

Ourthe
Zo volgden er allerlei paden. De paadjes langs de Ourthe waren technisch te noemen: veel boomwortels en gladde stenen met zo hier en daar een boomstam of tak, waar men overheen of onderdoor moest.
Het zonnetje was er inmiddels bij gekomen en het werd warm. De beklimmingen waren steil, maar bovenaan wachtte vaak een prachtig uitzicht.
De tweede en laatste post stond op 28 kilometer. Daarna kwam er nog één lange, zware klim: de Muur van Mabôge. Deze was niet hardlopend te doen, maar de Kopslopers wisten alle 3 dat het hierna makkelijker zou worden: de laatste 4 kilometer gingen vrijwel alleen nog maar omlaag.
Zo’n 2 kilometer voor de finish was de speaker al te horen en het geluid zwol steeds meer aan. Nog een steile afdaling over hele smalle paadjes, die zigzaggend over de helling liepen. Beneden wachtte de laatste rivieroversteek, waar zich heel wat publiek verzameld had. Het koele water zorgde bij menigeen nog voor wat krampverschijnselen, wat niet zo vreemd was na zo’n tocht.
Dominique kwam als eerste over de finish in een tijd van 4 uur en 46 minuten. Ze had al een droog shirt aangetrokken toen Elsa arriveerde: 5 uur en bijna 7 minuten, een minuutje sneller dan vorig jaar. Terwijl Elsa snel naar het huisje ging om ook wat droogs aan te trekken, kwam Jan Jaap binnen. Hij was kapot, maar had het toch mooi gedaan in 5 uur en 27 minuten.
In het zonnetje werd er gewacht op de andere lopers. Een collega van Elsa liep haar eerste 33 km in 5:48 en een loopmaatje uit Nijverdal volbracht de 48 km in 8 uur 17.
Iedereen vond het zwaar, maar wel ontzettend mooi. De voldoening was dan ook erg groot. Nadat de laatste twee in 7:08 werden binnengehaald, kon iedereen uit het huisje zich opfrissen en werd er gezamenlijk gegeten in het plaatsje La-Roche-en-Ardenne.

One comment

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *